Na een megadruk semester was het de hoogste tijd voor wat ontspanning en dus trokken Dylan, Lilith en ik er tijdens de laatste vrije week weer samen op uit, ditmaal in het gezelschap van Bernard. We begonnen in Hartbeespoort aan de rand van Pretoria, bij Dylan thuis. Hier konden we een paar daagjes lekker ontspannen, terwijl Dylan wat praktische zaken moest regelen. Ook nam hij ons mee naar de plaatselijke schietbaan, waar we met zijn pistool en geweer alvast een beetje aan onze schietkunsten konden werken. Daarnaast gaf Dylans vader ons een rondleiding door het familiebedrijf, een fabriek gespecialiseerd in sierbeton, dat hij samen met zijn ouders en vrouw van de grond af heeft opgebouwd. De passie waarmee hij sprak over zijn werk, was inspirerend om naar te luisteren. De overige tijd vulde ik met name met gitaarspelen op de oude gitaar van Dylans moeder. Zodra Dylan en zijn ouders hun zaken hadden afgerond, was het echter tijd voor onze volgende bestemming.
Aangekomen bij Mokaikai Private Game Reserve mochten we een paar daagjes genieten van pure luxe in het vakantiehuisje van de ouders van Dylan. Met een privé gamedriver konden we, wanneer we maar wilden, op safari in het reservaat om nieuwe vogels voor mijn vogellijst te spotten, waaronder de crimson-breasted shrike en capped wheatear, en zeldzame antilopensoorten als red hartebeest, tsessebe en oryx. De rest van de tijd brachten we door met aan het zwembad liggen, gitaar spelen en pokeren. ’s Avond braaiden we bij het kampvuur. Iedere ochtend kwam Bernard me een kopje koffie brengen bij mijn eigen bungalow, waarna we een uurtje oefenden met gitaarspelen. Beiden zijn we niet echt ervaren gitaristen en het is al de nodige jaren geleden dat ik mijn eigen gitaar nog eens in de handen heb gehad, maar aan het eind van de week konden we warempel drie liedjes spelen.
Op Makalali had ik slechts enkele keren olifanten mogen aanschouwen, maar dit wisten we op Mokaikai ruimschoots in te halen. We misten zelfs iedere avond de zonsondergang, doordat een kudde olifanten op de terugweg onze route blokkeerde. Ik zou het niet echt pech willen noemen. Door het gebrek aan ervaring was ik vrij zenuwachtig toen de eerste avond de matriarch met twee andere olifanten recht op de auto afkwam. Flapperend met de oren en zwaaiend met de slurf taste ze nieuwsgierig onze aanwezigheid af, waarna ze rustig haar weg vervolgde. Terwijl we op een afstandje toekeken, kwamen er vervolgens meer dan tien olifanten één voor één uit de bosjes tevoorschijn en staken in alle rust de weg over. De volgende avond reden we een avontuurlijke route door de heuvels, toen dezelfde kudde ineens voor ons opdook. De matriarch waarschuwde ons geduldig dat we te dicht bij stonden en Dylan moest uiteindelijk de auto keren en een andere route kiezen, aangezien de olifanten niet van plan waren ons door te laten.
Na de laatste vrije week brak eindelijk het moment aan waarop we konden gaan trainen voor onze ‘Advanced Rifle Handling’. Om wandelsafari’s te kunnen begeleiden moet een wandelgids onder andere het ARH-examen halen. Dit houdt in dat je geblinddoekt een geweer moet kunnen laden; binnen een bepaalde tijd, zonder blinddoek gelukkig, verschillende doelen op twaalf, acht en vier meter moet kunnen raken; een hapering van het geweer moet kunnen oplossen; en vervolgens de juiste stappen moet doorlopen en raak moet schieten bij een gesimuleerde leeuwenaanval. Na in de vorige semesters enkel ‘droog’ te hebben geoefend, zonder munitie, was de eerste oefensessie op de campus voornamelijk met kleiner caliber geweren om te leren richten en de volgorde van handelingen in te prenten in ons geheugen.
Op de schietbaan bij Hoedspruit hadden we vervolgens een hele dag als oefenexamen met de vereiste .375 caliber om te wennen aan de terugslag van dit grotere geweer en onze snelheid en nauwkeurigheid bij te schaven. Ik wist de meeste opdrachten succesvol af te leggen, maar mijn doel op twaalf meter miste ik helaas. Op de examendag was, na de opdracht met de blinddoek, echter de eerste schietoefening vijf kogels op twaalf meter. Bij mijn eerste poging kreeg ik er slechts drie in het doel en mijn tweede poging was niet veel beter, waardoor ik na een uurtje al kon stoppen. Nog geen ARH voor mij helaas. Ik blijk toch niet zo talentvol met een geweer te zijn.
Meer talent bleek ik te hebben voor het pokeren. We hadden het pokerspel na de vrije week meegenomen naar de campus en dus kreeg ik de kans tot twee keer toe een hele groep, inclusief één van de trainers, te verslaan met mijn pokerface. Daarnaast mochten we vanwege goed gedrag in het laatste semester voor het eerst alcohol mee de campus opnemen. Onze gezellige middagen op de brug konden zich daardoor voor het eerst voortzetten op de campus zelf. Dit zorgde voor enkele gezellige avonden rond het kampvuur waar zelfs de trainers aan meededen.
Tussen de bedrijven door hadden onze trainers ook nog een spellendag georganiseerd. We mochten ons in vier groepen opdelen en besloten al snel met de vijf meiden een team te vormen. De eerste opdracht betrof het maken van een spandoek en yell om ons team aan te kondigen. Er werd gekozen voor de teamnaam ‘Crocuta crocuta’ de Latijnse benaming voor de gevlekte hyena, een soort waarbij de vrouwtjes de macht hebben en mannetjes slechts ondergeschikt zijn. Onze yell was dan ook de nachtelijke roep van de gevlekte hyena. Vervolgens moesten we een vragenlijst beantwoorden, dwars door de dam zwemmen om onze antwoorden af te leveren, geblinddoekt door een mijnenveld zien te geraken en verstoppertje spelen in de bush. ’s Avonds in het donker was de laatste opdracht als een James Bond door de bush sluipen om de trainers met spotlights te ontwijken en ongezien de keuken bereiken, waar een fles wijn voor de winnaar stond. Als team waren we uiteindelijk niet heel succesvol, maar het zwemmen door de dam en sluipen, rennen en verschuilen in de bush zorgden voor een onvergetelijke dag.
Ons laatste wapenfeit bij Bushwise was het theorie-examen voor het leiden van de wandelsafari’s. Hier werd de laatste dagen hard voor gestudeerd. Gelukkig hadden we tussendoor ook nog enkele wandelsafari’s om aan onze encounters en uren in de bush te werken. Om als wandelsafarigids te worden gekwalificeerd, moet je namelijk minimaal vijftig uur als deelnemer met een wandelsafari zijn mee geweest. Daarnaast moet je minimaal tien keer een encounter hebben gehad, ofwel een ontmoeting te voet met een leeuw, luipaard, olifant, neushoorn, buffel of nijlpaard. Ik had bijzonder veel geluk met mijn wandelsafari’s en wist voor het eind van de cursus al de benodigde tien encounters te verzamelen. Het laatste examen was pittig en na drie uur ploeteren, wist ik met nog zestig seconden op de klok de laatste vraag te beantwoorden.
Direct na het examen begonnen de inpak- en opruimwerkzaamheden. De laatste lading was werd nog snel even opgehangen en ondertussen verdwenen de fotoslingers en boeken alvast in één van de tassen. Het is merkwaardig hoeveel extra spullen je op een half jaar tijd kunt verzamelen. Gelukkig hoef ik voorlopig nog niet terug te vliegen, want mijn bagage heeft behoorlijk wat kilootjes gewonnen ten opzichte van januari. Vrijdagmiddag was vervolgens het moment daar voor het afscheidsfeest. Met z’n allen vertrokken we richting Blue Mountain nabij Hoedspruit, om samen met de trainers, leiding, staf en de studenten van de Balule campus onze Bushwise certificaten in ontvangst te nemen, van een heerlijk lunchbuffet te genieten en voor een laatste keer gezellig samen te zijn met de hele groep.

Het feestje werd vervolgens voortgezet op de campus rond het kampvuur. Herinneringen werden opgehaald en hoogtepunten van de afgelopen tweeëntwintig weken werden benoemd. Eén voor één vertrokken mijn medestudenten en aangezien sommigen al voor dag en dauw de campus zouden verlaten, werden de eerste afscheidsknuffels alvast uitgedeeld. Mede door de alcohol, maar toch vooral ook vanwege de fantastisch tijd die we samen hebben beleefd, vloeiden de tranen bij sommigen rijkelijk. Zelf bleef ik tot het laatst bij het kampvuur hangen, aangezien ik de volgende dag pas om negen uur hoefde te vertrekken. Mijn kamergenootje Barbara vertrok echter al in de vroege ochtend en dus had ik een kort nachtje.
’s Ochtends werden de laatste spullen ingepakt en nog meer knuffels uitgedeeld, waarna ook voor mij het moment aanbrak om afscheid te nemen van mijn kleine huisje, de prachtige route langs de dam, het uitzicht vanaf het klaslokaal en vooral de vele vrienden, die ik hier gemaakt heb. Het volgende hoofdstuk van mijn avontuur, de tweeweekse opleiding tot wandelsafarigids in Kruger National Park, mocht ik gelukkig nog met acht medestudenten en één van de trainers samen beleven, en veel van mijn medestudenten zal ik ook daarna nog vaker in Hoedspruit gaan tegenkomen, maar toch was dit moment het afscheid van een stukje vertrouwdheid, een stukje thuis. Een nieuw en minstens zo spannend avontuur stond echter al weer voor de deur.
Zonnige groeten!





































